Onderdeel van BoerenNatuur

05 Kruidenrijk grasland

Kruidenrijke graslanden zijn percelen waar kuikens heel goed kunnen opgroeien. Het is een van de belangrijkste schakels in een goed weidevogelmozaïek. Het uitgestelde maaien zorgt voor een geschikte plek om te broeden, het hoge gras biedt vervolgens beschutting aan de weidevogelkuikens. De bloeiende kruiden trekken insecten aan die op hun beurt weer voedsel vormen voor (weide)vogels.

Verhoogt het bedrag van de mozaïekvergoeding in combinatie met greppelplas-dras.

Periode rust

5a Kruidenrijk grasland, rust 1 april tot 15 juni
5b Kruidenrijk grasland, rust 1 april tot 22 juni
5c Kruidenrijk grasland, rust 1 april tot 1 juli

 

Beheereisen

  • Er wordt een rustperiode in acht genomen van 1 april tot 15 juni, of zoveel langer als nodig voor de aanwezige weidevogelkuikens.
  • In de rustperiode vinden in de beheereenheid geen bewerkingen plaats.
  • Het gewas wordt jaarlijks minimaal één keer gemaaid en afgevoerd, vóór 1 augustus.
  • Minimaal vier verschillende indicatorsoorten zijn in een meetvak aanwezig.
  • Chemische onkruidbestrijding is niet toegestaan, m.u.v. voor pleksgewijze bestrijding van haarden van akkerdistel, ridderzuring, jacobskruiskruid en brandnetel.
  • Uitsluitend bemesting met ruige mest (vaste mest), 5 – 10 ton per ha, toegestaan buiten de rustperiode.
  • Het grasland mag niet worden gescheurd, gefreesd of heringezaaid.
  • Geen honden en katten toegestaan in het perceel.
  • Er mag geen bagger of maaisel (slootkant) opgebracht worden.

 

Aanvullende informatie

  • Het kan dan zijn dat ingezaaid kruidenrijk grasland eerst als pakket 41: ontwikkeling kruidenrijk grasland wordt ingeschaald door het collectief.
  • Het te voet betreden van het perceel tijdens de rustperiode moet zoveel mogelijk worden beperkt. Uitzonderingen zijn mogelijk in overleg met de gebiedscoördinator.
  • ‘Vrijgeven’ van het perceel gebeurt in overleg met de gebiedscoördinator / polderregisseur.