Onderdeel van BoerenNatuur

30 Nestgelegenheid zwarte stern

Dit pakket richt zich specifiek op de zwarte stern. Van nature broeden ze op drijvende dichte watervegetatie, zoals krabbenscheer. Bijna alle zwarte sterns in Nederland broeden tegenwoordig op kunstmatige nestvlotjes. De kwaliteit van de nestvlotjes is belangrijk voor een goed broedsucces.

De zwarte sterns vragen bijzonder beheer omdat ze graag in de overgangszone van water naar oever in sloten broeden, op vlotjes. Dat in kleine kolonies die niet ver uit elkaar liggen. De locatie wordt bepaald in overleg met de gebiedscoördinator.

Beheereisen

  • Er worden op een onderlinge afstand van ten minste 5 tot 10 meter en uiterlijk op 1 mei, 5 tot 10 vlotjes in de sloot uitgelegd.
  • De deelnemer houdt bij op hoeveel vlotjes gebroed wordt en hoeveel jongen er uit komen, bijvoorbeeld op de stalkaart of digitaal via de boerenlandvogelmonitor.nl.
  • De vlotjes worden aangekleed volgens instructies geleverd door het collectief.
  • Aan weerskanten van de sloot met vlotjes, liggen botanische weideranden van minimaal 2 meter breed en elk ten minste 250 m lang. Bij een scheisloot is er één rand van 500 m lang en 2 m breed.
  • Bemesting van de rand is jaarrond niet toegestaan.
  • De rand wordt tussen 1 april en 1 juli niet gemaaid, gerold, gesleept of beweid en het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen is in die periode niet toegestaan.
  • Zolang er nog zwarte sterns gebruik maken van de vlotjes mag de rand na 1 juli niet worden gemaaid of beweid.
  • Als het aangrenzende perceel wordt beweid, moet er een veewerend raster worden geplaatst.
  • Als er op 15 juni geen nesten en/of kuikens meer op de vlotjes zitten, mag (na overleg met de gebiedscoördinator) de rand worden beweid.
  • Gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in de rand is slechts toegestaan voor pleksgewijze bestrijding van haarden van akkerdistel, ridderzuring, jacobskruiskruid en brandnetel.
  • De beheereenheid mag niet worden gescheurd, gefreesd of heringezaaid.

De vlotjes worden, voor zover zij niet langer door de zwarte stern gebruikt worden, uiterlijk op 1 september uit het water gehaald, schoongemaakt, gedroogd en opgeslagen.