Telt mee voor mozaïekvergoeding. Goede combi met greppelplas-dras.
Periode van rust
1a rust van 1 april tot 1 juni
1b rust van 1 april tot 8 juni
1c rust van 1 april tot 15 juni
1d rust van 1 april tot 22 juni
Beheereisen
- Er wordt een rustperiode in acht genomen vanaf 1 april.
- In de rustperiode vinden in de beheereenheid geen bewerkingen of beweiding plaats
- De rustperiode duurt tot minimaal 1 juni en eindigt als het gras niet meer nodig is voor de overleving van de kuikens van de weidevogels, voornamelijk de grutto. De vergoeding wordt bepaald tot de datum dat het perceel voor maaien is ‘vrijgegeven’.
- In principe geen kunst- en/of drijfmest vooraf, geeft een te zwaar gewas.
- Op deze pakketten is een ruige mest-toeslag (pakket 7, pag. 9) mogelijk. Ruige mest trekt vogels aan en zorgt voor een geleidelijke grasgroei. Ook hier is het belangrijk te bedenken of de mest niet te snel tot een zwaar gewas zal leiden.
- Geen honden en katten toegestaan in het perceel.
Aanvullende informatie
- Het te voet betreden van het perceel tijdens de rustperiode moet zoveel mogelijk worden beperkt. Uitzonderingen zijn mogelijk in overleg met de gebiedscoördinator
- Vervroegen van de maaidatum dient in overleg met de gebiedscoördinator te gebeuren en dient minimaal een week voor het einde van de rustdatum aangevraagd te worden. Er wordt dan gekeken naar de aanwezigheid van nesten en/of kuikens. Bij het vervroegen wordt de vergoeding aangepast naar de uiteindelijk gerealiseerde rustperiode
- ‘Vrijgeven’ van het perceel gebeurt in overleg met de gebiedscoördinator / polderregisseur. Bedenk dat maaien wanneer de kuikens nog niet vliegvlug zijn de voorgaande periode en inspanningen teniet doet.
Grasland met rust na voorweiden
Voorweiden is vooral ideaal op percelen waar het gras in maart al flink hoog staat. Op percelen waar de gewasproductie hoog is, of na een zachte winter waardoor het gras al in februari flink begint te groeien. Zonder voorweiden is het gras eind mei vaak zo hoog en dicht dat het niet meer geschikt is voor weidevogelkuikens. Voor de boer ook niet fijn trouwens: naast een lagere voederwaarde van het gras, ontstaat vaak een te open grasmat (holle zode) waardoor de grasgroei na het maaien langzamer op gang komt.
Door voorweiden is het gras lekker kort voordat de rustperiode start. In mei als de kuikens er zijn, hebben die het voordeel van een open structuur waar ze zich goed kunnen voortbewegen. Voordeel van voorweiden ten opzichte van maaien is dat de insectenpopulatie intact blijft. Ook de mestflatten zijn een mooie bijkomstigheid: hierin kunnen weidevogels extra insecten vinden.
Telt mee voor mozaïekvergoeding. Goede combi met greppelplas-dras.
Periode van weiden en aansluitend rust
1l voorweiden tot 1 mei, daarna rust tot 15 juni
1m voorweiden tot 8 mei, daarna rust tot 22 juni
1q voorweiden tot 1 mei, daarna rust tot 1 juni
1r voorweiden tot 8 mei, daarna rust tot 8 juni
1s voorweiden tot 1 mei, daarna rust tot 8 juni
1u voorweiden tot 15 mei, daarna rust tot 15 juni
Beheereisen
- Er wordt een rustperiode in acht genomen vanaf 1, 8 of 15 mei. Tot die datum wordt het perceel beweid met koeien of schapen.
- In de rustperiode vinden in de beheereenheid geen bewerkingen of beweiding plaats.
- Het grasland wordt vanaf 1 maart en voorafgaande aan de rustperiode niet gemaaid.
- De rustperiode duurt tot minimaal 4 weken en eindigt als het gras niet meer nodig is voor de overleving van de kuikens van de weidevogels, voornamelijk de grutto. De vergoeding wordt bepaald tot de datum dat het perceel voor maaien is ‘vrijgegeven’.
- Liever geen kunst- en/of drijfmest vooraf, geeft een te zwaar gewas.
- Op deze pakketten is een ruige mest-toeslag mogelijk. Ruige mest trekt vogels aan en zorgt voor een geleidelijke grasgroei. Ook hier is het belangrijk te bedenken of de mest niet te snel tot een zwaar gewas zal leiden.
- Geen honden en katten toegestaan in het perceel.
Aanvullende informatie
- Het te voet betreden van het perceel tijdens de rustperiode moet zoveel mogelijk worden beperkt. Uitzonderingen zijn mogelijk in overleg met de gebiedscoördinator.
- Vervroegen van de maaidatum dient in overleg met de gebiedscoördinator te gebeuren en dient minimaal een week voor het einde van de rustdatum aangevraagd te worden. Er wordt dan gekeken naar de aanwezigheid van nesten en/of kuikens. Bij het vervroegen wordt de vergoeding aangepast naar de uiteindelijk gerealiseerde rustperiode.
- ‘Vrijgeven’ van het perceel gebeurt in overleg met de gebiedscoördinator / polderregisseur. Bedenk dat maaien wanneer de kuikens nog niet vliegvlug zijn de voorgaande periode en inspanningen teniet doet.